Magazine

In gesprek met drie afvalbedrijven op weg naar een afvalloze samenleving

Hoe de afvalsector accelereert naar circulariteit

Door | 16 oktober 2017

De ambities van de Nederlandse samenleving op het gebied van circulariteit liegen er niet om: in 2050 bestaat er geen lineaire economie meer en hopen we te leven in een afvalloze samenleving! Droom of utopie? Het recent gesloten Grondstoffenakkoord geeft hier een eerste richting aan. Maar hoe bereidt de afvalververwerkingssector zichzelf hier op voor en hoe zien zij hun rol voor de toekomst? En welke beleidsinitiatieven van de overheid zouden daarbij behulpzaam zijn? Een impressie van de sectorvisie, strategische doelen en voorbeeldprojecten illustreren hoe de ambities vertaald worden in concrete acties.

 

DOOR ROB VAN TILBURG, RONALD DE VRIES EN TOM HOUBEN

 

Het lijkt een beetje een paradox: afvalenergiecentrales (AEC’s) die actief werken aan een afvalloze samenleving. Hoe diep kan je in eigen vlees snijden? Immers, indachtig de Ladder van Lansink is afgelopen decennia eerst hard gewerkt aan het voorkómen en terugdringen van het storten van afval. Voor afval dat financieel of milieukundig niet lonend te recyclen viel werd vol ingezet op verbranding met energieterugwinning in de vorm van warmte en elektriciteit.

 

Afvalverbrandingsinstallaties werden zo steeds meer afval­energiecentrales. Ondertussen werkten overheid, burgers en bedrijven hard aan het bevorderen van afvalreductie en afvalrecycling. En niet zonder succes: landelijk steeg het percentage gerecycled afval en ook het stortvolume nam af.

 

Mede doordat het aanbod van afval voor verbranding uit Nederland afnam, konden de Nederlandse afvalenergiecentrales een helpende hand bieden om buitenlands afval op een milieu­hygiënischer manier te verwerken dan in die landen mogelijk zou zijn. Maar de afvalenergiecentrales zijn nog niet klaar. In dit artikel portretteren we drie afvalbedrijven op weg naar een afvalloze ­samenleving.

 

Twence

Voor een eerste impressie reizen we af naar het oosten waar in Hengelo afvalenergiecentrale Twence aansprekende projecten uitvoert om verder te klimmen op de Ladder van Lansink. Drie projecten springen in het oog.

 

Uitbreiding van warmtelevering aan lokale industrie

Twence werkt structureel aan het benutten van de energetische waarde die in de aangeboden afvalstoffen opgeslagen liggen. Warmte wordt in toenemende mate aan de regionale industrie geleverd. Zo zijn de voorbereidingen van een systeem voor hoogwaardige warmtelevering aan de nabijgelegen bedrijven Apollo-Vredestein en Grolsch in volle gang. ‘We willen uit de huidige biomassacentrale naast de huidige elektriciteitsopwekking ook hoogwaardige stoom gaan opwekken’, vertelt projectmanager Leendert Tamboer van Twence. ‘Daarmee wordt het rendement van deze installatie verdrievoudigd.’ Samen met de provincie Overijssel wordt er nu een haalbaarheidsstudie uitgevoerd, maar de perspectieven lijken erg gunstig. ‘Als dit zou lukken, dan hebben de stoomafnemende bedrijven geen eigen gasgestookte stoomopwekinstallatie meer nodig. Die kunnen gewoon buiten gebruik worden gesteld. Dat scheelt al gauw 11 miljoen m3 aan aardgas en een bijbehorende CO₂-emissiereductie van 20 kton!’, aldus Tamboer. ‘Bovendien is die infrastructuur voor hoogwaardig stoom van 220 graden op 22 bar dan ook weer aantrekkelijk als vestigingsmotief voor andere bedrijven. Zo versterkt het ook de economische potentie van de regio.’

 

 

Zo sluiten we lokaal de kringlopen en ontzorgen we 125 boeren bij hun mestoverschotafhandeling

 

Grootschalige CO₂-afvang

Deze aanwending van energetische waarde neemt niet weg dat Twence daarmee zelf ook nog CO₂ uitstoot. Ook daar wordt echter hard aan gewerkt. Momenteel lopen de voorbereidingen om CO₂ uit de rookgassen te verwijderen. Nu al wordt 3.000 ton pure CO₂ uit de gereinigde rookgassen gevangen, die tot natriumbicarbonaat wordt verwerkt, dat vervolgens weer wordt toegepast binnen Twence haar eigen rookgasreiniging. Dat hoeft dus niet meer te worden ingekocht. Twence oriënteert zich nu op een nog veel grootschaliger CO₂-afvang. Leendert Tamboer hierover: ‘In de verre toekomst voorzien we echt een tekort aan koolstofbronnen. Fossiel wordt uitgefaseerd en als we die kunnen vervangen door afgevangen CO₂ dan bestrijden we én klimaatverandering én sluiten we de koolstofketen!’

 

Innovatief mestverwaardingsproject

Een mooi voorbeeld van benutten van reststromen is het mestverwaardingsproject dat Twence in ontwikkeling heeft. In Zenderen wordt de bouw van een innovatieve mestverwaardingsinstallatie voorbereid. Enthousiast vertelt Andy Roeloffzen, verantwoordelijk projectmanager bij Twence, hoe zoveel mogelijk waardevolle componenten uit de naar verwachting 250.000 ton mest kunnen worden gewonnen: ‘De eerste processtap is de vergisting van de mest bij 40 graden. Daarvoor benutten we stortgas van de vuilstortlocatie in Zenderen. De vergisting levert groen gas op, waarmee 2.500 huishoudens hun huis kunnen verwarmen.’ Het digestaat uit de vergisting wordt vervolgens gescheiden in een vaste fractie, mineralenconcentraat en loosbaar water. ‘Toevoeging van kalk aan de vaste fractie geeft een hoogwaardig mestproduct, dat kunstmest kan vervangen’, aldus Roeloffzen.

 

 

Twence - Hoe de afvalsector accelereert naar circulariteit

Een mooi voorbeeld van benutten van reststromen is het mestverwaardingsproject dat Twence in ontwikkeling heeft.

 

 

‘Maar daarmee is de businesscase nog niet sluitend’, vervolgt hij. ‘Dat lukte pas door in een vervolgstap het stikstof uit het mineralenconcentraat te winnen met omgekeerde osmose en indamping en dat te verwerken tot ammoniakwater. Hierdoor kunnen we het water schoon lozen. Het ammoniakwater passen we toe in de DeNOx-installatie van de verbrandingsinstallatie. Dat hoeven we dus niet meer in te kopen! Zo sluiten we lokaal de kringlopen en ontzorgen we 125 boeren bij hun mestoverschotafhandeling.’ Helaas merkt Twence dat de huidige wetgeving niet altijd meehelpt. Ondanks dat het water – ook volgens het waterschap – schoon is en aan alle normen voldoet, beschouwt RVO het nog steeds als meststroom, omdat het daaruit ooit is voortgekomen. De wetgeving sluit niet aan bij dit soort innovatieve ontwikkelingen met alle vertragende procedures van dien. Evenmin mag de Nederlandse boer de met kalium verrijkte meststof niet als vervanging van kunstmest beschouwen, omdat het toch gezien wordt als dierlijke mest. Werk aan de winkel voor een nieuw kabinet om dit op te lossen.

 

AVR

Een inspirerend voorbeeld van een internationaal opererende afval- en energiecentrale is AVR: expert in het verwerken van diverse soorten restafval waar anderen geen waarde meer in zien. De energieproducent, met locaties in onder andere Rozenburg en Duiven, verwerkt jaarlijks zo’n 1,7 miljoen ton huishoudelijk restafval van consumenten en bedrijven maar ook papierpulp, afvalhout en chemisch afvalwater uit de industrie. Van al dit afval maakt AVR weer iets waardevols: energie en grondstoffen.

 

Strategische ligging

In de Europese afvalmarkt ontwikkelt AVR een leidende rol in het creëren van een HUB voor het verwaarden van grondstoffen uit afval. Volgens Jasper de Jong, commercieel directeur, ligt AVR zeer strategisch om afval te importeren en innovatief op te werken tot grondstoffen en energie – met de Metropool Regio Rotterdam (MRR), Den Haag (MRDH) en Leiden als achterland. ‘Logistiek gezien ligt Rotterdam dichterbij London dan Bristol.’ Precies vanwege die strategische ligging en gunstige havenfaciliteiten, weet AVR veel buitenlandse afvalcontracten te verwerven.

 

Nuttig hergebruik

Michiel Timmerije, directeur Energy & Residues, licht de toekomstvisie van AVR toe. ‘Door vrij vervoer van afval, rest- en grondstoffen binnen de EU, kan AVR haar innovaties maximaal ontwikkelen en opschalen om tegen concurrerende prijzen zoveel mogelijk waardevolle grondstoffen, bijproducten en energie uit afval op te werken. Een voorbeeld van het sluiten van materiaalkringlopen is het produceren van TopCrete®. Dit is een kalkhoudend bindmiddel dat in diverse bouwmaterialen weer nuttig hergebruikt kan worden. Na zeven à acht keer recyclen zijn papiervezels niet meer geschikt voor hergebruik. De poedervormige kalk en metakaolin die AVR terugwint uit papierslib en 50 procent van de droge stof gaat als TopCrete naar de bouwsector en betonindustrie. Een ander voorbeeld is gericht op het recyclen van bodemassen. AVR is mede-ondertekenaar van de Green Deal Bodemas, wat betekent dat vanaf 2017 50 procent van alle AEC-granulaten vrij toegepast moet kunnen worden. Medio 2020 zal dat percentage op 100 procent uitkomen. Dat betekent dat AVR met een jaarproductie van circa 425.000 ton bodemassen nieuwe afzetmarkten creëert voor schoon ophoog- en funderingsmateriaal, grind- en zandvervangers en toepassingen in de cement- en betonproductie.

 

 

avr pulp - Hoe de afvalsector accelereert naar circulariteit

Na zeven à acht keer recyclen zijn papiervezels niet meer geschikt voor hergebruik. De poedervormige kalk en metakaolin die AVR terugwint uit papierslib en 50 procent van de droge stof gaat als TopCrete® – een kalkhoudend bindmiddel – naar de bouwsector en betonindustrie.

 

 

Sluiten van materiaalketens

Als het gaat om het leveren van stoom en (stads-)warmte, dan zijn AVR Rozenburg en Duiven letterlijk en figuurlijk uitstekend aangesloten. Met een leveringscapaciteit aan 175.000 woningequivalenten betekent dit een jaarlijkse aardgasbesparing die overeenkomt met de jaarlijkse uitstoot van 200.000 ton CO₂. En AVR kijkt verder. Zo is het van plan CO₂ uit de gereinigde rookgassen af te vangen en deze tijdens het groeiseizoen af te zetten aan de nabijgelegen kassen en op termijn af te zetten aan bedrijven die CO₂ gebruiken als grondstof via het CO₂-smartgrid.

 

Volgens De Jong en Timmerije levert AVR jaarlijks ongeveer 10 PJ energie. En als alle Nederlandse AEC-capaciteit ten bate van energiewinning zou worden benut dan zou daarmee 60 PJ per jaar opgewekt kunnen worden. De helft daarvan heeft een biogene oorsprong en kan voor 25 procent aandeel zorgen in de duurzaam opgewekte energie. Daarmee is de bijdrage van de AEC’s zowel in het sluiten van materiaalketens als in opwekking van duurzame energie significant en perspectiefvol, en biedt het betrouwbaarheid in energielevering.

 

ARN

Harrie Arends, Directiesecretaris van de Afvalenergiecentrale ARN BV in Weurt, vertelt vol trots over drie voorbeelden hoe zijn bedrijf duurzaamheid en circulariteit in de praktijk brengt.

 

Van GFT naar brandstof voor busvervoer

ARN vergist en composteert GFT-afval. Dit ogenschijnlijk normale proces is in drie opzichten uniek. In de eerste plaats wordt het digestaat van de vergister gecomposteerd waardoor de voedingsstoffen behouden blijven en geen digestaatwater geloosd hoeft te worden. In de tweede plaats wordt het bij de vergisting vrijkomende biogas (met een laag methaangehalte) via een innovatieve ultrafiltratietechniek opgewerkt tot groengas (met een hoog methaangehalte) van aardgaskwaliteit, dat vervolgens als brandstof gebruikt wordt voor het openbaar vervoer in de regio Arnhem – Nijmegen. Ten slotte produceert de ultrafiltratie een hoogwaardige CO₂-gasstroom die als meststof in de glastuinbouw wordt benut. Zo worden uit één afvalstroom drie producten gegenereerd: groen aardgas, Keurcompost en zuivere CO₂.

 

Koppeling intern en extern warmtenet

Net als andere AEC’s benut ARN de warmte. Wat echter uniek aan ARN is, is dat de interne en externe warmte-markt (vraag en aanbod) via een warmtewisselaar als communicerende vaten dusdanig aan elkaar zijn gekoppeld dat optimale thermische en elektrische energie kan worden benut. ARN wil nog een stap verder gaan door in te zetten op meer warmtevragende bedrijfsactiviteiten op eigen terrein en diversificatie van de brandstofmix (hoogcalorisch ter compensatie van steeds lager calorisch restafval).

 

Luierrecycling

Het luierrecycling project van ARN heeft zelfs het programma Nieuwsuur gehaald. Waarom? Omdat ARN erin is geslaagd om een mix van luiers en zuiveringsslib middels thermische druk hydrolyse (TDH) dusdanig voor te bewerken dat de gasopbrengst van de vergistingsinstallatie substantieel en structureel kan worden verhoogd. Dit is naast de warmtebenutting het tweede unieke samenwerkingsproject met de naast ARN gelegen rioolwaterzuiveringsinstallatie van Waterschap Rivierenland. De proeven zijn geslaagd en over de bouw van een commerciële installatie zal heel binnenkort een besluit worden genomen. Inmiddels is ook een afnemer gevonden voor de kunststoffractie die vrijkomt bij de TDH om weer te hergebruiken. Bijzonder is dat ziektekiemen worden geëlimineerd en medicijnen worden afgebroken.

 

Harrie Arends legt uit dat ARN ervoor heeft gekozen om het CO₂-rendement uit te drukken in ‘hectares bos-bijgroei’. ARN blijkt goed voor de CO₂-binding van (bijgroei) van 18.722 hectares bos per jaar. Dat is een gebied groter dan dat van de aandeelhoudende regio’s Nijmegen en De Vallei samen.

 

 

ARN Groengas uit compost ARN - Hoe de afvalsector accelereert naar circulariteit

Het biogas dat vrijkomt bij de vergisting van GFT-afval wordt door ARN via een innovatieve ultrafiltratietechniek opgewerkt tot groengas van aardgaskwaliteit, dat vervolgens als brandstof gebruikt wordt voor het openbaar vervoer in de regio Arnhem – Nijmegen.

 

 

Rol van de overheid

Over de rol van de overheid is Harrie Arends stellig van mening dat die veel meer moet faciliteren in plaats van barrières opwerpen, anders strandt het hele Van-Afval-Naar-Grondstof (VANG)-programma. Als voorbeeld geeft hij het luierrecycling-project. Dat project dreigde op enig moment dusdanig gefrustreerd en getraineerd te worden door ‘gesteggel’ over de toepasselijke ­Eural-codes dat uiteindelijk het ministerie van Economische ­Zaken heeft moeten interveniëren om tot overeenstemming en een oplossing te komen. In de oproep voor een groen regeerakkoord die Royal HaskoningDHV samen met De Groene Zaak organiseerde, komt deze wens ook tot uitdrukking.

 

Ook Dick Hoogendoorn, directeur van de Vereniging Afvalbedrijven (VA) ziet de afvalsector als een partner in de transitie naar de circulaire economie, maar waarschuwt ook voor eenzijdigheid.

‘De overheid moet het begrip circulaire economie niet te eenzijdig en/of dogmatisch definiëren. 100 procent circulariteit bestaat namelijk niet en uiteindelijk zullen de oplossingen toch moeten voldoen aan de economische wetmatigheden.’ Hij spreekt liever van een duurzame economie met maximaal circulaire oplossingen. Het is niet verwonderlijk dat veel bedrijven in de context van een nieuw regeerakkoord pleiten voor incorporatie van de nu nog afgewentelde milieukosten in de prijsbepalende mechanismen zoals belastingen. Dat zou deze economische wetmatigheden waar Hoogendoorn over spreekt, de economie nog meer de duurzame kant op sturen.

 

‘Streven naar een duurzame economie moet altijd het uitgangspunt zijn, maar uit onderzoeken komt naar voren dat materialen niet 100 procent en voor eeuwig toepasbaar zijn. Het beleid ten aanzien van Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) versterkt dit beeld. Wat veel mensen vergeten, is dat bij recycling – dus voorafgaand aan hergebruik van (secundaire) materialen – (afval)stoffen resteren waarmee niks anders kan (of mag) worden gedaan dan verbranden of storten. En linksom of rechtsom, het is de markteconomie die bepaalt óf en zo ja, in welke mate circulaire oplossingen uitvoerbaar en betaalbaar zijn. Dit is geen pleidooi om in alle gevallen voor de oplossing met de laagste kosten te gaan, maar de financiële gevolgen spelen wel mee. Circulaire oplossingen moeten dus breed en realistisch worden afgewogen om tot optimaal materiaalhergebruik te komen. Bij de discussie over materiaalhergebruik moeten zeker ook de aspecten energie, CO₂ en kosten worden betrokken.’

 

In meerdere opzichten duurzaam

Dick Hoogendoorn verwacht op termijn weliswaar een afname van de benodigde capaciteit voor afvalverbranding, maar die zal op een realistisch materiaalhergebruikspercentage gebaseerd moeten zijn en zeker niet nul kunnen zijn. ‘Het mag anderzijds ook niet zo zijn dat een lock-in ­situatie ontstaat waarin AEC’s open moeten blijven vanwege bijvoorbeeld warmteleveringscontracten en/of CO₂-afvang.’

 

‘AEC’s kunnen in meerdere opzichten duurzaam zijn: ze wekken duurzame energie op, reduceren CO₂-emissies in de keten en passen reststromen zoals bodemassen nuttig toe. AEC’s gaan daarin steeds verder, onder andere door CO₂ ook nuttig te gaan toepassen (glastuinbouw) en nog meer elementen uit bodemassen te halen (Green Deal Bodemassen)’, licht hij toe.

De VA en haar leden dragen deze boodschap uit en geven daar individueel ook invulling aan, zowel in Nederland als op (Europees) brancheniveau.

 

Resumé

De afvalenergiecentrales zetten vol in op duurzaamheid. Steeds meer wordt de ecologische waarde, die in de aangeboden afvalstoffen ligt opgeslagen, benut. Zo werkt de sector hard aan een circulaire samenleving. Met alle innovaties in de afvalsector kan Nederland zich ontwikkelen tot een voorbeeld voor Europa. Overheidsbeleid dat de nu nog op de samenleving en toekomstige generaties afgewentelde milieukosten integraal doorbelast en voldoende experimenteerruimte biedt om innovaties snel de ruimte te kunnen geven, helpen daarbij de goede kant op. De oproepen van het bedrijfsleven voor een groen regeerakkoord dat hierin voorziet, onderstrepen dit. AEC’s zullen in de transitie naar een circulaire en biobased economie dan nog meer transformeren naar grondstoffen-energiecentrales (GEC’s). De voorbeelden laten zien dat de weg daarnaartoe op innovatieve wijze ingevuld wordt en dat daarin bedrijfsleven en overheden elkaar hard nodig hebben bij het verwezenlijken van de doelstellingen.

 

Lees meer over het ­‘Grondstoffenakkoord’

Lees meer over de ‘Ladder van Lansink’

Lees meer over de warmte­levering van Twence aan ­nabij­gelegen bedrijven

Lees meer over de ‘Green Deal Bodemas’

Lees meer over het ‘Van-Afval-Naar-Grondstof (VANG)-programma’

Lees de oproep voor een groen regeerakkoord van Royal HaskoningDHV en De Groene Zaak

Bekijk de Nieuwsuur-uitzending over het luierrecyclingproject

Over Rob van Tilburg

Rob is Senior consultant bij Sustainalize en (mede) auteur van het succesvolle boek ‘Duurzaam onder­nemen waarmaken’.

Deel dit artikel

[sharify]

Reacties

We hopen dat de discussies die plaatsvinden op TGTHR energiek en constructief zijn en aanzetten tot nadenken! Om een reactie te kunnen plaatsen moet je je inloggen of gratis registreren. Je eerste reactie moet door de redactie worden goedgekeurd. De hieropvolgende reacties worden automatisch geplaatst. De redactie houdt zich het recht voor te lange reacties in te korten. Reacties die overdreven commercieel, kleingeestig, beledigend of off-topic zijn, kunnen door de redactie worden verwijderd. Alle berichten worden eigendom van TGTHR.

Magazine TGTHR

Wil jij de nieuwsbrief ontvangen?

Met onze nieuwsbrief ben je altijd op de hoogte van de laatste duurzame artikelen,
whitepapers, events en interessante blogs! Schrijf je in voor de wekelijkse nieuwsbrief.

Klik hier om je aan te melden
  • We willen allemaal duurzaam bezig zijn, maar óók blijven ondernemen. Daarom informeren wij je met zorgvuldig geselecteerde artikelen over duurzaam ondernemen. Hiermee willen wij je verbinden met ons netwerk én handvatten geven om een succes te maken van duurzaamheid binnen jouw organisatie.

  • Copyright 2018 | TGTHR, samen duurzaam ondernemen