Circulair compenseren - circulair organiseren value for many
    Column

    Circulair organiseren: Value for many

    Circulair compenseren

    Door | 1 september 2017

    Schaal lijkt een belangrijk element te spelen in het vormgeven aan de Circulaire Economie (CE). Een terugkerende vraag is op welke schaal circulariteit eigenlijk interessant wordt. Is dat de schaal van een stad of dorp, moet dat een regio zijn, of lukt dat enkel op een nog grotere schaal? Een onderliggende vraag hierbij is wanneer sprake is van circulariteit. Wanneer is een kringloop van grondstoffen, materialen, of producten nu eigenlijk echt gesloten? Is het noodzakelijk dat deze terugkeren naar de plaats van herkomst? Of zijn er ook andere principes te bedenken om organisatorisch vorm én inhoud aan circulair ondernemen te geven?

     

    Heel absoluut betekent circulair organiseren dat een kringloop pas echt gesloten is als de grondstoffen die op een bepaalde plek gewonnen zijn uiteindelijk, na een lange periode van benutting, weer terugkeren naar die plek. Organisatorisch is dat op z’n zachts gezegd lastig. Maar het conflicteert ook met het debat over duurzaamheid. Al in de jaren zeventig is een discussie ontstaan over de vraag of er binnen duurzaamheid gebruikgemaakt zou kunnen en mogen worden van zogenaamde ‘substitutie van kapitalen’. De basisgedachte hierbij is het onderscheid tussen zwakke en sterke duurzaamheid. Daaronder zit het idee dat de economie (als verbijzondering van collectief menselijk handelen) gebaseerd is op het gebruik van natuurlijk (alle natuurlijke hulpbronnen) en menselijk (alles dat door de mens gemaakt wordt) kapitaal. De manier waarop kapitalen in balans met elkaar gebracht kunnen worden, wordt vormgegeven door het substitutiebeginsel.

     

    Zwakke en sterke duurzaamheid

    Bij zwakke duurzaamheid is het idee dat de totale voorraad van beide kapitalen door de tijd genomen gelijk blijft. Daarbij kan uitwisseling tussen de kapitalen – zeg het verbranden van fossiele brandstoffen voor productie van goederen – ongelimiteerd plaatsvinden zonder dat daarmee de totale kapitaalvoorraad slinkt. Dit is geoorloofd, zolang de afname van de ene kapitaalsoort maar leidt tot een overeenkomstige toename van de andere kapitaalsoort. Hiermee volgt zwakke duurzaamheid feitelijk het eerdergenoemde substitutiebeginsel.

     

    Sterke duurzaamheid gaat uit van een ander perspectief, door vooraf te stellen dat menselijk en natuurlijk kapitaal niet gelijksoortig maar complementair aan elkaar zijn. Kapitaal van de ene soort kan vanuit deze gedachte niet vervangen worden door de andere soort. Dus, het gebruik van fossiele brandstoffen voor de productie van goederen leidt ten principale tot een afname van de natuurlijke kapitaalvoorraad en een stijging van de menselijke kapitaalvoorraad. Maar, omdat zij onvergelijkbaar en onverenigbaar zijn betekent dat ook dat we niet kunnen spreken van een gelijkblijvende totale kapitaalvoorraad. Sterker, een afname van de natuurlijke kapitaalvoorraad, ongeacht waarvoor zij wordt aangewend, leidt op termijn tot een afname van de totale voorraad. Dat althans is de centrale gedachte. Niet verwonderlijk is er door de tijd heen een fel debat rond deze opvattingen ontstaan.

     

    Sluiten van kringlopen

    In het huidige debat over het sluiten van kringlopen staat onder meer de schaal van circulariteit centraal. Er wordt hierbij overwegend ingestoken op een kleine schaal. Zo vormen zich initiatieven rondom circulaire steden of circulaire regio’s, waarbij het de bedoeling is om op die schaal kringlopen te sluiten. Lokale en regionale producten worden aan lokale en regionale consumenten geleverd. Afvalstromen die hieruit volgen worden door lokale en regionale partijen ingezameld en waar mogelijk lokaal of regionaal hergebruikt. En om dit alles mogelijk te maken wordt eveneens op lokaal of regionaal niveau energie opgewekt. Grondstoffen, materialen en producten van buiten worden zoveel mogelijk uitgesloten. Dit betekent dat kapitaalvoorraden zoveel mogelijk binnen de eigen regio of stad worden beheerd. De vraag is of op deze regionale schaal zelfvoorzienend geopereerd kan worden. En als dat niet zo is, hoe grondstoffen, materialen en producten die van buiten komen meegewogen worden in het circulaire concept. Daarbij is natuurlijk het debat over zwakke en sterke duurzaamheid direct aan de orde.

     

    Compensatie over grenzen

    Het zal helder zijn dat het sluiten van kringlopen binnen de eigen gekozen schaalgrootte eigenlijk een onmogelijke opgave is. In onze open economie komen immers duizenden producten van elders. En dus loopt maar een deel van een kringloop door de eigen regio of stad met producten van elders, die ervoor zorgen dat kapitaalvoorraden toenemen (import) of afnemen (export). Dan is de vraag hoe om te gaan met overschotten en tekorten in de voorraden van natuurlijk en menselijk kapitaal een logische. Moet het onttrekken van een natuurlijke grondstof als ijzer of koper of water uit een bepaald gebied gecompenseerd worden in een ander gebied? En zo ja, waarmee dan? Moet gebruikt koper bijvoorbeeld teruggewonnen worden uit producten en materialen en teruggebracht worden naar de plaats van herkomst? Of kunnen we hiervoor andere, slimmere manieren gebruiken? Of is de conclusie dat de schaal waarop momenteel wordt ingezet bij het sluiten van kringlopen, in beginsel al niet de juiste is? Helaas hebben we geen heldere antwoorden op deze vragen, maar we kunnen tenminste proberen ze te adresseren. Je bent van harte uitgenodigd om met ons in gesprek te komen.

    Over Jan Jonker

    Jan Jonker is hoogleraar Duurzaam Ondernemen aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Zijn werk concentreert zich op nieuwe business modellen in een veranderende economie. Zijn meest recente bestseller is ‘Nieuwe Business Modellen; Samen Werken aan Waardecreatie’ (2014). Recent heeft hij het landelijk onderzoek over Business Modellen voor de Circulaire Economie gelanceerd (zie: bit.ly/2dSu9S8).

    Over Niels Faber

    Niels Faber is onderzoeker aan de Radboud Universiteit Nijmegen en docent aan de Hanzehogeschool Groningen. Zijn onderzoek concentreert zich op de organisatorische aspecten van duurzame ontwikkeling. Hij is co-redacteur van een serie online columns over de circulaire economie.

    Reacties

    We hopen dat de discussies die plaatsvinden op TGTHR energiek en constructief zijn en aanzetten tot nadenken! Om een reactie te kunnen plaatsen moet je je inloggen of gratis registreren. Je eerste reactie moet door de redactie worden goedgekeurd. De hieropvolgende reacties worden automatisch geplaatst. De redactie houdt zich het recht voor te lange reacties in te korten. Reacties die overdreven commercieel, kleingeestig, beledigend of off-topic zijn, kunnen door de redactie worden verwijderd. Alle berichten worden eigendom van TGTHR.

    Magazine TGTHR

    Wil je óók TGTHR magazine ontvangen?

    Neem een abonnement en krijg voor
    slechts € 39,- het 84 pagina's tellende magazine
    vier keer per jaar toegestuurd!

    Klik hier om een abonnement te nemen