Magazine

    Iedereen kan bijdragen aan een duurzaam gebouwde omgeving

    Dit zijn de hoofdrolspelers die kantoren duurzamer maken

    Door | 6 december 2017

    Kantoren zijn energieslurpers. Al jaren. Daar heeft de Wet Milieubeheer, die al sinds 1993 bestaat, tot op de dag van vandaag nog niet veel aan veranderd. Meer dan de helft van het totale kantooroppervlak (van in totaal 86 miljoen vierkante meter) heeft een slechte energieprestatie. Toch lijkt momenteel een kanteling zichtbaar. Dat is te danken aan een aantal hoofdrolspelers in deze complexe markt.

     

    Door Matthijs Timmers

     

     

    De wereldleider

    Eind 2015 sloten – op een paar uitzonderingen na – alle wereldleiders het Klimaatakkoord van Parijs. Het zorgde in alle marktsectoren, dus ook voor de kantorenmarkt, voor een belangrijke nieuwe stip aan de horizon. Richtingbepalend hierbij zijn de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG’s) van de Verenigde Naties die als een kompas dienen voor duurzaam ondernemerschap. Dat de Amerikaanse leider zich onlangs terugtrok uit dit akkoord, lijkt de duurzame beweging niet te kunnen stoppen. Sterker nog, voor het eerst in de geschiedenis van de klimaatproblematiek heeft de wereld geen sluimerende, maar een acute vijand. Dat helpt vaak in de vlucht vooruit.

     

     

     

    De regelgever

    Wat ook helpt, zijn regels. De Wet Milieubeheer is er zo een. Die stimuleert bedrijven om te investeren in energiebesparende maatregelen. Maar die wordt nauwelijks gehandhaafd. Dat komt door te weinig mankracht bij de gemeenten die erover gaan. Daardoor wordt de wet maar mondjesmaat nageleefd. Het Energieakkoord geeft nu wel een extra impuls aan deze wet door strengere handhaving voor te schrijven. Daarbij komt de overheid nog met een andere stok: de energielabelverplichting voor kantoren in 2023. Kantoren moeten dan minimaal energielabel C hebben, anders mogen ze niet meer worden gebruikt. Op dit moment voldoet 52 miljoen vierkante meter nog niet aan die verplichting. Werk aan de winkel dus! Hoewel deze maatregel bij lange na niet voldoende is om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, zal het wel een enorme marktverschuiving veroorzaken. Ook hier rijzen in toenemende mate handhavingsvraagstukken.

     

     

     

    De geldschieter

    De wereldeconomie draait om geld. Niet om maatschappelijke waarde. Of om geluk. Daarom is het essentieel dat de instanties die over de centen gaan zich gaan roeren in het debat over de verduurzaming van het bestaande vastgoed. Dat is op dit moment aan het gebeuren. Deels door verduurzaming te stimuleren met allerlei kennis, acties en voordeeltjes. En deels door het af te dwingen. Zo eist ING van haar klanten een verduurzamingsplan om tot label C te komen. Anders financiert ING niet meer. ABN AMRO doet een beroep op de taxateur. Die moet een duurzaamheidsparagraaf opnemen in zijn taxatierapport.

     

     

     

    De taxateur

    De taxateurs op hun beurt gaan duurzaamheid ook steeds meer waarderen. De beroepsgroep werd voornamelijk verweten vooral in de achteruitkijkspiegel te kijken bij het bepalen van de waarde van gebouwen. Maar wat valt er de beroepsgroep te verwijten, wanneer hun rekenmodellen nog geen waardevermeerdering laten zien bij een duurzaam gebouw? Die tendens tekent zich nu voorzichtig af. Met de label-C verplichting heeft men een houvast voor de te maken kosten en risico’s. Met het gevolg dat taxateurs zich gaan toeleggen op het onderwerp duurzaamheid. Een goed voorbeeld is Cushman & Wakefield. Deze grote taxateur laat haar taxateurs bijscholen op het gebied van duurzaamheid.

     

     

     

    De kantoorgebruiker

    Met 17 procent leegstand in Nederland heeft de kantoorgebruiker een hoop te kiezen. Een centrale en bereikbare plek, waar flexibel, comfortabel en gezond kan worden gewerkt. Duurzaamheid wordt daarbij steeds belangrijker. Enerzijds voor het imago van de organisatie. Een duurzaam kantoor doet het goed in de jaarverslaggeving en voor de Dow Jones Sustainability Index. Anderzijds om de strijd om talent te kunnen winnen. Want ook werknemers hebben in tijden van economisch herstel weer meer opties voor hun droombaan.

     

     

     

     

    De duurzame leider

    In de bouw- en vastgoedsector staan groene leiders op die met hun bedrijf het verschil willen maken. Koplopers zogezegd. Zij stimuleren hun vakgenoten hetzelfde te doen. Of op z’n minst te volgen. Zo sponsorde ING Real Estate Finance baas Peter Göbel de Noordpoolexpeditie van klimaatjournaliste Bernice Notenboom en liet hij in Spitsbergen andere vastgoeddirecteuren de gevolgen van de klimaatverandering zien. Woningcorporatiedirecteur Lex de Boer realiseert grootschalige verduurzaming met zijn Groningse woningvoorraad. Harm van Oorschot, de directeur van het vastgoed van Lidl, bouwt zo ongeveer iedere week een nieuwe duurzame supermarkt. En Coert Zachariasse, eigenaar van Delta Development, zet een nieuwe standaard voor circulaire kantorennieuwbouw.

     

     

     

    De onderzoeker

    De businesscase rond een duurzaam gebouw blijft een ingewikkeld verhaal. Vooropgesteld, energie is natuurlijk spotgoedkoop. Voor een gemiddeld kantoor zijn de energiekosten net 1 procent van de totale bedrijfskosten. Niet bepaald een grote kostenpost, dus ook weinig reden om hier eens flink op te gaan besparen. En als je dan toch in energiezuinige maatregelen wilt investeren, wanneer heb je die dan weer terugverdiend? En wie gaat het betalen, de huurder of de eigenaar? Rond die businesscase van duurzaamheid wordt steeds meer onderzoek gedaan. Zo blijkt uit recent onderzoek van de Universiteit van Maastricht dat energiezuinige kantoorpanden circa 9 procent meer waard zijn en 10 procent hogere huuropbrengsten opleveren dan kantoorpanden die niet energiezuinig zijn. Ook wordt de koppeling met gezondheid en productiviteit gelegd. Onderzoeken van de Harvard Universiteit en de World Green Building Council tonen aan dan medewerkers in duurzame gebouwen een stuk productiever zijn en minder vaak ziek. Wanneer duurzaamheid de personeelskosten raakt, dan wordt het interessant.

     

     

     

    De netwerker

    Grote stimulator bij het versnellen van de verduurzaming in de gebouwde omgeving zijn de netwerkorganisaties. Deze partijen zetten de bouw- en vastgoedsector aan om sneller en grondiger te verduurzamen en leggen slimme koppelingen tussen overheden, kennis- en marktpartijen. Een goed voorbeeld is de Dutch Green Building Council die de 400 bedrijven uit haar achterban mobiliseert een Deltaplan Duurzame Renovatie te ontwikkelen. Dit plan moet een versnelling realiseren, waardoor voor de gebouwde omgeving de klimaatdoelstellingen worden gehaald. Meer vanuit de overheid gestuurd is De Bouwagenda een hoopgevend initiatief. Ook binnen branche-organisaties worden initiatieven opgestart om kantoren energiezuiniger en duurzamer te maken. Bijvoorbeeld door Uneto-VNI. Deze belangenbehartiger van de installateur roept haar achterban op een centrale rol te spelen in de verduurzamingsopgave.

     

    De verduurzamingsopgave voor kantoren

    Hoeveel kantoren: 97.750

    Hoeveel vierkante meter: 86 miljoen vierkante meter

    Wettelijke verplichting: Energielabel C in 2023, (mogelijk Energielabel A in 2030)

    Hoeveel vierkante meter voldoet nog niet: 52 miljoen vierkante meter

    Kosten van Energielabel F naar C: 5 tot 37 euro per vierkante meter

    Kosten van Energielabel G naar C: 57 euro per vierkante meter

     

     

     

    Lees meer over de ‘Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG’s)’

    Lees meer over de ‘Wet ­Milieubeheer’

    Lees meer over het ‘Energie­akkoord’

    Lees ‘Help! Ons kantoor moet naar energielabel C, hoe doen we dat?’

    Lees meer over de ‘Dow Jones Sustainability Index’ 

    Lees het onderzoek ‘Groenwaarde wetenschappelijk bewezen in kantorenmarkt’

    Lees ‘Building the Business Case: Health, Wellbeing and Productivity in Green Offices’

    Lees meer over het ‘Deltaplan Duurzame Renovatie’

    Lees meer over ‘De Bouw­agenda’ 

    Download het rapport ‘Op duurzaamheid kun je bouwen’

    Over Matthijs Timmers

    Matthijs Timmers is partner van de Duurzaamheidsrapporteurs en ondersteunt organisaties bij het maken van duurzaamheids- en geïntegreerde verslagen volgens de richtlijnen van het GRI en de Transparantiebenchmark. Daarnaast is hij als tekstschrijver en woordvoerder verbonden aan de Dutch Green Building Council (DGBC), een netwerkorganisatie op het gebied van duurzaam bouwen en beheerder en ontwikkelaar van het duurzaamheidskeurmerk BREEAM-NL.

    Reacties

    We hopen dat de discussies die plaatsvinden op TGTHR energiek en constructief zijn en aanzetten tot nadenken! Om een reactie te kunnen plaatsen moet je je inloggen of gratis registreren. Je eerste reactie moet door de redactie worden goedgekeurd. De hieropvolgende reacties worden automatisch geplaatst. De redactie houdt zich het recht voor te lange reacties in te korten. Reacties die overdreven commercieel, kleingeestig, beledigend of off-topic zijn, kunnen door de redactie worden verwijderd. Alle berichten worden eigendom van TGTHR.

    Magazine TGTHR

    Wil jij de nieuwsbrief ontvangen?

    Met onze nieuwsbrief ben je altijd op de hoogte van de laatste duurzame artikelen,
    whitepapers, events en interessante blogs! Schrijf je in voor de wekelijkse nieuwsbrief.

    Klik hier om je aan te melden
  • We willen allemaal duurzaam bezig zijn, maar óók blijven ondernemen. Daarom informeren wij je met zorgvuldig geselecteerde artikelen over duurzaam ondernemen. Hiermee willen wij je verbinden met ons netwerk én handvatten geven om een succes te maken van duurzaamheid binnen jouw organisatie.

  • Copyright 2018 | TGTHR, samen duurzaam ondernemen