Meer eten minder zorg
Artikel

Over het gebruik van eten en drinken als (preventief) middel om mensen langer zelfredzaam te houden

Meer eten minder zorg!

Door | 19 december 2016

Eten en drinken is zoveel meer dan alleen het letterlijk eten, dan alleen zorgen dat je in leven blijft. Eten en drinken is bewegen, contacten hebben, regie houden, vaardigheden behouden, gezondheid, genieten, buiten komen, tillen, snijden, schoonmaken en nog veel meer.

 

Eten en drinken kan op deze manier heel veel betekenen voor met name kwetsbare mensen in de samenleving: ouderen, mensen met een (verstandelijke) beperking, daklozen, mensen met dementie, kwetsbare gezinnen et cetera. De waarde van eten en drinken zit dan niet alleen in het letterlijk eten, maar juist ook in het actief bezig zijn met eten en drinken en de vaardigheden die daarvoor nodig zijn. Dit zijn vaardigheden op zowel fysiek, mentaal en sociaal vlak. Kort gezegd: wanneer je zelf het gehele proces van eten en drinken kan blijven uitvoeren, is je zelfstandigheid gewaarborgd!

 

Door Phyllis den Brok

 

Iedereen moet eten en drinken

Eten en drinken moeten we allemaal, 365 dagen per jaar, meerdere keren per dag.

Alle handelingen die we telkens moeten doen om dit eten en drinken uit te voeren, zijn voor iedereen een ideale oefenplek om vaardigheden te behouden en zo zelfredzaam mogelijk te blijven. Door boodschappen te doen beweeg je, maak je contacten en kom je buiten. Door zelf te koken denk je na over welk menu je wilt en hoe je het klaar wilt maken. Bij het opruimen beweeg je allerlei spieren waardoor je fitter blijft. Het regelmatig eten zorgt voor dagritme. Doordat je zelf je menu kiest eet je beter waardoor je voldoende voedingsstoffen binnenkrijgt, je een goede weerstand behoudt en beter op gewicht blijft. Door juist deze dagelijkse activiteiten en handelingen professioneel kortstondig en preventief te ondersteunen, kunnen kwetsbare mensen langer zelfstandig blijven. Ze houden hierdoor een gelukkiger en zinvol leven en hebben minder zorg nodig. Ook in de uitvoering is dit gemakkelijk te doen. Juist omdat iedereen elke dag moet eten is dit een oefenterrein dat voor iedereen dagelijks beschikbaar is, zonder dat daarvoor speciale settings of bijeenkomsten hoeven te worden georganiseerd!

 

Huidige zorg maakt afhankelijk en passief

Helaas kennen wij in onze maatschappij bij het verlenen van zorg en ondersteuning weinig waarde toe aan eten en drinken; eten en drinken neemt dan ook nauwelijks een plaats in. En wanneer je kijkt naar hoe ondersteuning wél plaatsvindt bij eten en drinken, dan is dit vooral gericht op het overnemen van taken:

  • Wanneer iemand minder stabiel wordt, zich onzekerder gaat voelen of mogelijk risico zou kunnen gaan lopen, dan wordt al snel geadviseerd om maar kant-en-klaar maaltijden te nemen of te gaan eten bij eetpunt.
  • Wanneer iemand wat instabiel is of moeilijker kan tillen, dan wordt al gauw geadviseerd om de boodschappen thuis te laten brengen of een vrijwilliger te laten helpen.
  • Wanneer het schoonmaken niet zo gemakkelijk meer gaat wordt er gezorgd voor huishoudelijke hulp.
  • Wanneer iemand moeite heeft met snijden worden zijn boterhammen gesmeerd en gesneden voor hem klaargemaakt.

 

Hele taken worden daarbij van kwetsbare mensen overgenomen. Zonder dat men zich afvraagt of iemand misschien op een andere manier, in een ander tempo of met hulpmiddelen, toch de betreffende taak (of een deel daarvan) zou kunnen uitvoeren. Bijvoorbeeld door te leren hoe iemand goed kan tillen met de aanwezige beperking, of hoe iemand met behulp van een speciaal mes toch zelf zijn boterhammen kan blijven snijden. Maar ook hoe iemand de lichtere boodschappen wel zelf kan halen en opruimen, en alleen bij de zware grote spullen mogelijk hulp inschakelt; of door met steunen te zorgen dat iemand gewoon zelf veilig kan blijven koken.

 

De huidige wijze van ondersteunen en zorg verlenen, waarbij taken vooral worden overgenomen, maakt dat de betreffende persoon passief wordt en daardoor afhankelijk wordt van anderen. En dat is wat men zich onvoldoende realiseert: hoe minder men doet, hoe minder men kan. Dit overnemen van taken creëert een ‘neerwaartse spiraal’ van het steeds minder zelf uitvoeren van handelingen waardoor steeds meer vaardigheden en mogelijkheden verloren gaan omdat ze onvoldoende gebruikt worden. Hierdoor wordt er steeds slechter gegeten en genieten mensen steeds minder van de maaltijd.

En daardoor is steeds meer zorg en ondersteuning nodig!

 

Maar het kan anders! En eten en drinken is daar belangrijk in!

Om zelf langer zelfstandig te kunnen blijven is bovenal ondersteuning noodzakelijk op de dagelijkse activiteiten. Juist omdat déze bepalen of iemand zelfredzaam blijft. Het gehele proces van eten en drinken is daar een belangrijk onderdeel van. Helaas wordt eten en drinken tot nu te gezien als een individuele verantwoordelijkheid. Hierdoor worden veel kansen gemist voor het bieden van een goede ondersteuning, gericht op zelfredzaamheid, met een betere kwaliteit en minder kosten.

 

Deze andere manier van kijken (en handelen) ten aanzien van eten en drinken vraagt om een andere ondersteuning: een preventieve, maar wel professionele ondersteuning die vrijwel altijd van korte duur is. Een ondersteuning die erop gericht is om iemand zelfredzaam te houden en te zorgen dat zijn leven de moeite waard blijft, waardoor hij de moeite ervoor wil blijven doen om zich daarvoor in te spannen. Een ondersteuning die er vanuit gaat dat iemand altijd zelf taken kan blijven uitvoeren, al dan niet op een aangepaste manier.

Ik geef enkele voorbeelden:

  • Door kort actief te ondersteunen hoe iemand veilig groenten kan blijven snijden (waardoor zij dat ook elke dag blijft doen), kan zij ook haar hobby 3D-kaarten maken blijven uitvoeren omdat de fijne motoriek die daarvoor nodig is op deze manier intact blijft.
  • Door elke dag een boodschapje te blijven doen, blijft iemand fit en mobiel genoeg om eens per twee weken naar het voetballen van zijn kleinzoon te gaan.
  • Door regelmatig de route naar het winkelcentrum te blijven nemen om boodschappen te doen, blijft iemand zich veilig en bekend genoeg voelen met de buurt. Op deze manier kan iemand ook een cadeautje kopen in een andere winkel in het winkelcentrum.
  • Wanneer iemand zelf actief blijft met het opruimen en pakken van etenswaren, blijft hij fysiek fit genoeg om bijvoorbeeld ook een boek op te kunnen rapen wanneer deze valt bij het lezen in bed.

 

Dus geen passiefmakende eetpunten waar alle maaltijden zonder eigen inspanning worden aangereikt. Dus geen vrijwilligers, professionals of familie die allerlei taken van de kwetsbare persoon overnemen. Maar wel een eetmogelijkheid waar zelf gekookt wordt door de deelnemers en waar hen geleerd wordt hoe ze dit met mogelijke beperkingen zo lang mogelijk zelf op een veilige manier kunnen blijven doen. En ook ondersteuning door vrijwilligers of professionals waarbij de kwetsbare persoon de mogelijkheid krijgt in eigen tempo en op eigen wijze zijn eigen koffie te zetten, zijn eten te koken of zijn boodschappen te doen. Een ondersteuning waarbij wordt uitgegaan van de mogelijkheden die iemand heeft en niet van wat hij mogelijk niet meer kan!

De ervaring leert dan dat mensen veel meer zelf kunnen dan zij zelf (en hun omgeving) voor mogelijk houden.

 

Uiteindelijk is de beste remedie tegen vallen of ongelukjes om het vooral zelf te blijven doen. Voor jezelf werkt het ook zo: als je lang niet gefietst hebt, ben je de eerste keren onzeker en is er juist dan meer kans op vallen. Als je lang geen appel of aardappels geschild hebt met een keukenmesje, is de eerste keer dat je dat weer doet lastig en geeft het op dat moment de meeste kans dat je je zelf snijdt (of dat je de halve aardappel wegschilt…)

Oefening baart kunst, ook bij kwetsbare mensen of mensen met beperkingen!

 

En als je zo naar eten en drinken kijkt, is dan niet de vraag: waarom investeren we eigenlijk niét in eten en drinken bij kwetsbare mensen?

 

 

Over de auteur

Phyllis den Brok is praktijkspecialist op het gebied van eten en drinken binnen wonen, welzijn, zorg en onderwijs. Haar bedrijf ondersteunt zorginstellingen, gemeenten en groepen in het zo lang mogelijk zelfredzaam te houden van kwetsbare mensen, met het dagelijkse eten en drinken als middel. Hiervoor geeft zij workshops, presentaties, stelt visies en werkwijzen voor ze op en begeleidt hen hierbij bij in de implementatie. Phyllis is auteur van het recent verschenen boek ‘Meer eten minder zorg!’, waarin beschreven wordt hoe eten en drinken kan bijdragen aan een grotere mate van zelfstandigheid van kwetsbare mensen, een betere kwaliteit van leven en minder zorgkosten. Haar boek is gebaseerd op ervaringen en resultaten uit onderzoeken en projecten die zij de afgelopen jaren met succes heeft uitgevoerd binnen de zorgsector.

 

Lees meer over het boek ‘Meer eten minder zorg!’